Beleggers weren van woningmarkt helpt niet

Vastgoedbeleggers verbieden om woningen te kopen en dan weer door te verhuren, helpt niet om de scheefgroei op de Nederlandse woningmarkt tegen te gaan. Het zou zelfs averechts kunnen werken, schrijft de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) in een uitgebreid rapport over de Nederlandse economie.

Verschillende grote steden als Rotterdam, Den Haag, Utrecht, Amsterdam en Eindhoven willen zo’n verbod gaan invoeren voor bepaalde wijken, als de wetgeving die dat mogelijk maakt landelijk geregeld is. Door de krapte op de woningmarkt staan maar weinig huizen of panden te koop en grote beleggers kunnen meer geld bieden dan particuliere kopers. De steden willen daarom wijken aanwijzen waar een beleggersverbod gaat gelden om zo de positie van starters en doorstromers te verbeteren. Zij hoeven dan niet meer te concurreren met beleggers.

Maar volgens de OESO zitten hier ook nadelen aan. Voor degenen die afhankelijk zijn van het huren van een woning in een toch al krappe vrije huurmarkt pakt de maatregel minder goed uit. Die huurders krijgen waarschijnlijk minder opties als investeerders in potentiële huurwoningen worden geweerd. Tegelijkertijd zitten de huizenprijzen en ook de huurprijzen in Nederland al een hele tijd flink in de lift. Daardoor hebben veel mensen grote moeite om nog een huis te bemachtigen. Een wetsvoorstel dat gemeenten meer mogelijkheden geeft om in te grijpen op hun lokale woningmarkt, is al door de Tweede Kamer aangenomen. De Eerste Kamer moet er nog over oordelen.

Net als De Nederlandsche Bank (DNB) vindt de OESO ook dat de belastingregels in Nederland nu vooral gunstig zijn voor huizenbezitters. Om de scheefgroei tegen te gaan zou het belastingsysteem veranderd moeten worden zodat er juist meer ruimte komt voor investeringen in vrije huurwoningen.