Faalkosten in bouw lopen in de miljarden euro’s

Bijna vier op de tien bedrijven in de bouw- en vastgoedsector schatten dat hun faalkosten 5 procent of meer bedragen, zo blijkt uit onderzoek van ABN AMRO. Deze kosten lopen hierdoor jaarlijks op tot miljarden euro’s.

De bouwsector presteert de laatste jaren goed: het bouwvolume is hoger dan voor de crisis en orderportefeuilles bereiken recordhoogtes. De winstmarges van bouwbedrijven blijven echter laag en faalkosten spelen hierbij een belangrijke rol. Faalkosten in de bouw zijn ook hoger dan in andere sectoren. Dit wordt volgens de bank vooral veroorzaakt door de vele verschillende partijen die betrokken zijn bij de bouw, de scheiding tussen ontwerp, uitvoering en beheer en het feit dat elk project anders is.

Faalkosten in de bouw zijn hardnekkig en komen zowel in een hoog- als laagconjunctuur voor. Tijdens een laagconjunctuur schrijven bouwbedrijven vaak te laag in op aanbestedingen en accepteren ze teveel risico’s. Hierdoor is het vervolgens moeilijk om binnen budget en planning te werken. In de huidige hoogconjunctuur zijn faalkosten vaak het gevolg van de hoge tijdsdruk, de schaarste aan materieel en vooral het tekort aan gekwalificeerd personeel. Bovendien geeft de laagste prijs bij veel aanbestedingen nog steeds de doorslag.
Faalkosten lijken dus een bijna geaccepteerde inefficiëntie in de bouwsector: 90 procent van de bouwbedrijven is zich bewust van de faalkosten in hun bedrijf. Gezien de omvang hiervan is het echter opvallend dat ruim een kwart aangeeft dat het terugdringen van faalkosten geen prioriteit heeft binnen hun bedrijf. Langjarige samenwerking en gestandaardiseerde processen zijn nog geen gemeengoed in de bouw. ABN AMRO benadrukt dat dit juist cruciaal is om de faalkosten te verlagen. Zo kunnen veel fouten voorkomen worden door betere samenwerking en communicatie. Het terugdringen van deze fouten zorgt tevens voor minder materieel verlies en een efficiëntere inzet van de schaarse manuren.